Welkom, u kunt hier Inloggen of Registreer

Edam-Volendam Opinie

U bent hier: HomeForum home → Onderwerpen → Politiek → Thread

   

Je moet maar het LEF hebben:

Totaal aantal reacties: 18

Geregistreerd 2014-04-08

PM

Geachte Lezer,

“Als mij wat overkomt dan is niet de aanslagpleger verantwoordelijk maar zij die dit beleid hebben gevoerd” waren de woorden van Pim Fortuyn. Ik ben slechts de woordvoerder en niet de aangever schreef hij in zijn boek. Deze constatering geldt ook voor het gevoerde beleid in Volendam en elders in Nederland zoals onderstaand met onderbouwing van de oorzaak van de Nieuwjaarsramp 01-01-2001 te Volendam weergegeven. Welnu, de aangever is Volendam.

Decentralisatie van overheidstaken; lees afschaffing van de informatieplicht, destijds ingevoerd door Drs R.F.M. Lubbers en de zijnen, heeft geleid tot: achterkamertjespolitiek, bestuurlijke antizin, vogel-vrije (kinder) moord, plundering, vernietiging en verderf en nu zelfs tot een onterechte sluiting van het politiebureau in Edam-Volendam.

De gemeente Edam-Volendam is gestart vanaf 01-01-2019 met het programma LEF; lees arrogantie van de macht. Het gesloten houden van de doos van “Pandora” met de daar in opgesloten de feiten van de werkelijke toedracht van het ontstaan en doen laten overkomen van Nieuwjaarsramp 01-01-2001 te Volendam, waarbij de begin-, eind- en bestuurdersverantwoordelijkheid van onze overheden buiten werking wordt gezet. Het buiten werking stellen van de grondwettelijke bescherm- en zorgplicht en sluiting van het politiebureau getuigt zeker weten van LEF.

Dit alles kan onder de noemer “Decentralisatie van overheidstaken” welke een definitief einde moet maken aan de bestuurdersverantwoordelijkheden van de overheid richting haar burgers middels o.a. een bestuurders- (schuld)transformatieplan in onze gemeente etc. Uiteraard zal dit gekoppeld gaan met de sluiting van het politiebureau in Volendam en met de afbouw van handhaving, toezicht, be-ginverantwoordelijkheid, oftewel minder of geen overheidsbemoeienis meer en geen politie beschik-baar ter plaatse. De horecaondernemers en de burgers dienen hiervoor nu zelf zorg te gaan dragen omdat op het politiebudget wordt gekort en er minder handhavend politiepersoneel zal worden in-gezet. Dit alles onder de misleidende slogan dat de ouders, ondernemers en burgers zelf hun verant-woordelijkheid dienen te nemen. 

In Volendam is het nu zo, volgens de horecaexploitanten, dat de horecaexploitanten worden verbali-seerd en bedreigd in hun bestaan door toepassing van gemeentelijke sancties als er alcohol wordt verstrekt door ouders en/of derden aan een minderjarige waar zij, de horeca, zelf niets aan kunnen doen. Dit is een onmogelijke opgave voor de horeca gelet op de crowding van dronken mensenmassa’s gecreëerd door gemeentelijk wanbeleid. Geen spreidingsbeleid van de horeca, tientallen nieuw-bouwbuurten zonder horecafaciliteiten en alles gecentraliseerd op de Dijk en nabij de Haven waar-door de handhaving onmogelijk is geworden. De inwoners van Volendam worden nu zelfs van over-heidswege verplicht om gekleurde armbanden te dragen. Dit herinnert ons aan de oorlogsjaren. Afschuwelijk in één woord.

Hierdoor zijn meer politiemensen benodigd om tegen overtredingen te kunnen handhaven terwijl er op het politiebudget ten onrechte wordt bezuinigd en het politiebureau zelfs wordt gesloten en er minder politie wordt ingezet. De overheid legt nu de bestuurlijke begin- en eindverantwoordelijkheid van grote evenementen zoals Kermis et cetera ten onrechte in te grote mate onbeheersbaar neer bij de horecaondernemers. 
 
De burger draagt, gelet op deze opgedane criminele ervaring, in Volendam middels de Nieuwjaars-brand 01-01-2001, nu alle begin- en eindverantwoording voor gelegaliseerd “onrechtmatig” over-heidshandelen met o.a. de dood ten gevolge, dood door schuld, alsmede het vanuit overheidszijde opzettelijk doen toebrengen van zwaar lichamelijk letsel met voorkennis etc. Je moet het als over-heid maar durven hiermee ook voorbijgaand aan een in het verleden aangekondigd “Godsgericht” tijdens de behandeling van een bezwaarprocedure bij B&W in aanwezigheid van een advocaat. Er is destijds uitdrukkelijk gesteld dat de wanorde van Gezag, Recht en Orde direct dienden te worden hersteld in orde en dat een ingrijpen bij weigering niet zou uitblijven. Hier werd badinerend geen gehoor aan gegeven. Eveneens werden schriftelijke gedane waarschuwingen dat deze zaak in Volendam zou eindigen in een uiteenspattende vuurpijl welke door eenieder in het Kabinet te bezien zou zijn met opzet genegeerd.

Feit is; wij als zijnde de burger mogen wel middels belastingheffing blijven betalen voor een dienst die al in het verleden niet werd geleverd en nu in de toekomst niet meer zal worden geleverd. Of in het uiterste geval minimaal geleverd. Uitgaande van een doelmatig beleid wat wij mogen “verwach-ten” (Uitspraak in gevoerde Kroon-procedure H.M. Schilder/Gemeente Edam-Volendam) is deze vorm van (wan)beleid een extreem ernstige- en onacceptabele vorm van onbehoorlijk bestuur, ofte-wel een onrechtmatige daad, alsmede een levensgevaarlijke voedingsbodem voor een succesvolle herhaling voor een nieuw uit te lokken desastreuse ramp in Volendam, welke dan ook niet zal uit-blijven. Let wel; doelmatig beleid is geen verwachting maar een wettelijke verplichting. Met als toetje dat de WOZ-belasting in onze gemeente destijds door de gevolgen van dit wanbeleid met tientallen procenten werd verhoogd om de kosten van de Nieuwjaarsramp 01-01-2001 door de ingezetenen te laten betalen en om die belasting vervolgens daarna nooit meer te verlagen? Zijn we dat voor het gemak bestuurlijk eventjes vergeten?

De toekomstige nota en schadenota’s en schuldtransformatie kunnen dan net als bij de Nieuwjaars-ramp 01-01-2001 achteraf ten onrechte weer worden neergelegd bij de horecaondernemer en de ingezetenen van de gemeente Edam-Volendam, waarbij de ambtenaren wederom de Pilatusrol, gelet op de reeds opgedane ervaring, zullen vervullen en hun handen badinerend gaan wassen in ver-meende onschuld. Kortom, deze ambtenaren maken zichzelf onzichtbaar en geven geen thuis.


De belangen van de slachtoffervereniging(en) hierbij fêterend met feesten, verstrekkingen van ere-medailles over en weer. Ingediende belangen van brandslachtoffers schofferend en negerend. Let wel; in de ogen van de gewetensvolle burger eremetalen zonder de glans van enige verdienste.

In Volendam is al, gelet op de opgedane ervaring, aangetoond dat de burger niet zonder een deskun-dige leiding met kennis kan functioneren en dat decentralisatie van overheidstaken heeft geleid tot (kinder)moord, dood, verminking en dupering, plundering van de burger. Let wel; ons college is in het verleden al veroordeeld door de Raad van State wegens bewezen onbehoorlijk bestuur op grond van discriminatie.

In het verlengde daarvan werd door ondergetekende verzocht, vóór de Nieuwjaarsramp, om het col-lege van B&W onder curatele te stellen op grond van artikel 124 van de Gemeentewet omdat dit ge-meentebestuur bewezen aantoonbaar niet bestuursbekwaam was. Dit ingediende verzoek werd af-gewezen. Evenzo afgewezen het ingediende verzoek bij de Raad van State om een schouw te komen houden om op te treden tegen brandonveilige vluchtwegen. Jurisprudentie, aldus de Raad, verbood de Raad van State om er iets aan te kunnen doen. Veiligheid en bescherming zoals bepaald in het verdrag EVRM, lid 6, worden niet meer gewaarborgd.

In het Eindrapport van de commissie Alders (pagina 378-379) beweerde de commissaris Jos van Kemenade dat dit verzoek inzake toepassing art. 124 van de Gemeentewet hem nooit had bereikt en dat dit verzoek niet ingediend zou zijn. Welnu klinkklare onzin. Het verzoek werd vooraf al ingediend bij de Raad van State. Zijn argument is derhalve niet van toepassing want ook de Raad van State valt onder de centrale overheid. De conclusie van het rapport Alders, hiermee rekening houdend, zou dan heel anders moeten luiden, gelet op de woorden van de heer Jos van Kemenade dat, ook al zou dit verzoek om toepassing van art. 124 Gemeentewet ingediend zijn geweest hij er niets mee zou heb-ben gedaan.

Op de vraag of hij wel zou optreden op dit verzoek om toepassing van art. 124 Gemeentewet nadat de ramp zich had gemanifesteerd in Volendam gaf hij als reactie. Ja, nu wél. Dit impliceert, gelet op deze woorden, dat de Nieuwjaarsramp van 01-01-2001 van Volendam ons door de overheid bewust is doen laten overkomen. De conclusie van de commissie Alders zou dan moeten luiden: “Onze over-heid is voor 100% dader- en schuldaansprakelijk” in plaats van deze ramp kon overal in Nederland gebeuren. De conclusie van de commissie Alders is derhalve onjuist en pertinent onwaar.

Aleid Wolfsen (oud rechter) gaf destijds aan in een persbericht dat onze overheid voor 100% aan-sprakelijk is voor alle immateriële- en materiële schade inzake de Nieuwjaarsramp 01-01-2001 om-dat zij vooraf waren gewaarschuwd dat er doden zouden gaan vallen en strafrechtelijk vervolgbaar waren.

Er is destijds aan de centrale overheid voorafgaande aan de Nieuwjaarsramp 01-01-2001 uitdrukke-lijk verzocht om in te grijpen omdat er doden zouden gaan vallen. De Raad van State wees dit ver-zoek om het gemeentebestuur van Edam-Volendam onder curatele te stellen ten onrechte af. Door deze genomen beslissing werden de ingezetenen van onze gemeente door de voortgang van het College van B & W met hun onbehoorlijk bestuur aantoonbaar lichamelijk, geestelijk als financieel gedupeerd. En nu gaat deze geschiedenis, lijkt het, zich weer herhalen. Want zo is ons altijd geleerd, een onbegrepen les dient zwaarder te worden overgedaan net zolang totdat die les wél is begrepen.

De les van de Nieuwjaarsramp is niet begrepen. Getuige de vele inmiddels herhaalde soortgelijke voorvallen met waarschuwingen aan de overheid vooraf. Leiding komt van boven af door verant-woordelijkheid te dragen en deze niet te verplaatsen naar lagere autonome rangorden. De knecht staat nu niet meer onder zijn meester en de leerling niet meer onder zijn leraar. Dit kan niet omdat deskundigheid voor een juiste leiding en beleid bij de lagere rangorden hiertoe ontbreekt.

In Edam-Volendam is al bewezen dat het College van B&W disfunctioneerde en nog steeds. Het voortgaan zonder toezichthoudende leiding, gelet op het gebeurde, is een ernstige vorm van onbe-hoorlijk bestuur. Het moge duidelijk zijn dat dit een bestuurlijk onrechtmatige daad is. Dit (wan)beleid heeft mensenlevens gekost en een generatie lichamelijk en geestelijk verminkt en burgers zwaar gedupeerd. Het falende toezicht en de falende handhaving heeft dit mede tot gevolg gehad en staat gelijk met het culpoze delict dood door schuld en het ontstaan van een zwaar lichamelijk letsel door schuld. Voor diegene die dit niet weten. Dit zijn feiten die strafbaar zijn in de artikelen 307 en 308 Wetboek van Strafrecht. Het handelen is des te strafwaardig nu de overheid van tevoren op de risico’s is gewezen. Er werd zelfs van overheidszijde niet geschuwd om eigendommen en/of geboortegrond te ontvreemden van hardwerkende burger(s) die recht op bescherming hadden en de schadenota’s bij die burger(s) in nota te brengen.

Zelfs bezwaarschriften met daarin gedane aangifte van gepleegde strafrechtelijke feiten werden door de gemeente ongegrond verklaard en niet doorgestuurd voor vervolging naar het Openbaar Minis-terie, terwijl doorsturing hiervan wettelijk verplicht is, omdat de ambtenaren volgens het bepaalde in het wetboek van strafrecht dan niet meer competent zijn om zelf een beslissing te mogen nemen in zo’n zaak voordat het Openbaar Ministerie die zaak eerst heeft beoordeeld en er vervolging van de daders heeft plaatsgevonden met betrekking tot de aangegeven gepleegde strafbare feiten. Dit zijn door haar gepleegde ambtsmisdrijven om aan waarheidsvinding te ontkomen. Dit is een grove schande.

Het wordt echt wel eens een keer tijd dat Waarheid en Recht een paar gaan vormen en dat deel 3 wordt gepubliceerd in het Waterlands Weekblad, de Nivo, website Stichting de Volendammer Bur-gerwacht (ANBI), ANP, etc. De doos van “Pandora” dient te worden geopend. Constante herhaling van rampen dient met klem met alle macht te worden voorkomen. Als het zout zijn kracht verliest kan het als verloren worden beschouwd en dient het weggeworpen te worden. Zo ook met be-stuurders die weigeren om verantwoordelijkheid te nemen en op juiste wijze te functioneren. Zij dienen geen maatschappelijk belang meer en hebben zichzelf door ondienstbaar te zijn buiten de maatschappij geplaatst.

Het wachten op de waarheidsvinding, gerechtigheid heeft nu lang genoeg geduurd m.b.t. de werke-lijke toedracht inzake het doen laten overkomen, van overheidswege, van de Nieuwjaarsbrand 01-01-2001 te Volendam. De, gelet op deze opgedane criminele ervaring, gepleegde onrechtmatige da-den jegens caféhouder J. Veerman, brandweerman Cees Bont, de Zondebokken, klokkenluiders en de ingezetenen van Edam-Volendam die het niet langer verdienen dat deze “geregisseerde vermeende waarheid”, als zijnde de waarheid, op deze wijze blijft voortbestaan. Hier is sprake van 100% ge-schiedvervalsing gelet op de van overheidswege bewust toegepaste schuldtransformatie in strijd met de wet.

Concluderend: “Waarheidsvinding en gerechtigheid dienen nu toch echt wel SAMEN te gaan”.

De leugens hebben nu lang genoeg geregeerd. Er zijn 14 brandslachtoffers begraven met een leugen, een generatie is voor het leven lichamelijk en geestelijk en verminkt en vele burgers zijn gedupeerd, geplunderd zonder strafrechtelijke vervolging van de overheidsdaders, terwijl vervolging op grond van de bestaande wetgeving in dit onderhavige geval zeker wél zelfs verplicht is het nalaten hiervan is een ambtsmisdrijf, en dient te geschieden.

Aleid Wolfsen (oud rechter) was hier heel duidelijk over. In zijn, naar ik aanneem, zijn ingediende motie voor de schadevergoeding van de Nieuwjaarsramp 01-01-2001 heeft hij dit vermeld en in die motie expliciet aangegeven dat bij de eerstvolgende keer als er weer een soortgelijk voorval is met een waarschuwing aan de overheid dat er doden gaan vallen dat er dan pas wél een strafrechtelijke vervolging zal gaan geschieden en vervolging werd nu nagelaten op grond van het opportuniteits-beginsel in strijd met een wettelijke verplichting om te vervolgen.

Deze toegepaste behandeling is onjuist omdat de overheid wettelijk verplicht is om in dergelijke geval haar daders eerst strafrechtelijk te doen vervolgen. Daarbij zij opgemerkt dat in het zogenaamde Pikmeerarrest de vervolging van overheidslichamen en ambtenaren is beperkt, maar niet onmogelijk is en zeker niet ten aanzien van individueel handelen. De hoge heren vonden vervolging niet wenselijk en namen hiervoor een politieke beslissing om niet te bijten in hun eigen staart, hetgeen bij de gewone burger wordt nagelaten. Het gedeeltelijk vogelvrij verklaren van ambtenaren op deze wijze is immoreel en in strijd met de wettelijke verplichting (ambtsmisdrijf) tot strafrechtelijke vervolging en in strijd met de rechten van alle burgers op grond van discriminatie. Immers, de gewone burger(s) worden wel strafrechtelijk vervolgd bij dit soort misdrijven.

De commissie Lidth de Jeude, aldus ouders van overleden brandslachtoffers, heeft de ouders van overleden brandslachtoffers “gechanteerd” door hen te dwingen om af te zien van strafrechtelijke vervolging van de overheid door te dreigen dat als zij hiermee niet akkoord zouden gaan dat dan de nog in leven zijnde brandslachtoffers geen brandslachtoffer schade-uitkering zouden gaan ontvan-gen. Dit wilden deze ouders natuurlijk niet en hebben onder dwang in een zware tijd van emotie ge-tekend. En tot slot ook nog de toekenning van een eremetaal, let wel; zonder glans in de ogen van de burger. Hoe ver mag men gaan als overheid?

Het Openbaar Ministerie, niet te vergeten in deze optiek, vervolgt in samenspraak met de gemeente de klokkenluiders strafrechtelijk voor vermeende laster en smaad zogenaamd onder de noemer van het Algemeen Belang. Het moge duidelijk zijn dat dit niet het geval is. Zij deden dit in een besloten zitting waarbij het de pers niet was toegestaan om van deze duistere zaken verslag te kunnen doen. Hoezo een zuivere waarheidsvinding? Het is het afdekken, verhullen, verbloemen van een beerput die zijn weerga niet kent om waarheidsvinding te voorkomen!

Het bestuur van brandslachtoffersvereniging dwong haar leden ten onrechte om akkoord te gaan met een schikking met gemeente. De vereniging kwam niet optimaal op voor de belangen van haar leden en de belangen van de ouders van overleden kinderen en ging samenwerken met de gemeente alleen uit oogpunt van een vergeldingsdrang annex persoonlijke hebzucht en richtte al haar giftige vuurpijlen richting de caféhouder de heer Jan Veerman in strijd met waarheidsvinding.

De gevolmachtigde woordvoerder(s) van leden werd bij aangetekend schrijven verboden om aanwe-zig te zijn op haar vergaderingen om het woord in het belang van haar leden te mogen voeren en dat in strijd met het bepaalde in de statuten van de vereniging. Duidelijk is destijds aangegeven door de gevolmachtigde woordvoerder dat de Rijksoverheid voor 100% aansprakelijk diende te worden ge-steld door de vereniging van slachtoffers en dit ook in het belang van haar leden was en ook mede in het belang van de caféhouder Jan Veerman, die zelf ook slachtoffer is geworden van dit gevoerde (wan)beleid oorzakelijk decentralisatie van de overheidstaken.

De caféhouder was niet schuldig. Hij heeft de cafébrand niet gewild en hem zeker niet aangestoken en heeft ook persoonlijk geholpen met het in veiligheid brengen van brandslachtoffers. De gemeen-teraad had met de politiek een voorbehoud gemaakt dat de schaderegeling akkoord zou zijn als alle partijen akkoord waren. Echter dat was dus niet het geval. De regeling werd in strijd met de belangen van de brandslachtoffers gesloten in samenspraak met de gemeente. Slachtoffer(s) die niet akkoord waren werd uitkering onthouden tot op vandaag. Vervolgens werd de pot met geld onderling ver-deeld in recordtijd, terwijl deze was bedoeld om toekomstige leed- letselschade te compenseren. Slachtoffers die later letselschadegevolgen kwamen melden werd aan het loket vergoeding onthou-den.

Inzake de vermeende nalatigheid van de caféhouder Jan Veerman kan nog het volgende worden opgemerkt: Horeca is sfeerbeleving en bij sfeerbeleving past versiering. Dit is eenieder bekend en daarom vindt de horeca gretige aftrek. Echter Jan heeft te goeder trouw gehandeld en gedaan wat andere caféhouders al jaren op dezelfde wijze in Volendam deden. Toen de brand bij Jan Veerman helaas had plaatsgevonden verwijderden de overgebleven caféhouders naderhand angstvallig hun eigen onveilige versieringen om niet in opspraak te komen.

Het was namelijk niet de eerste brand in een Kerstversiering want in 1989 is, nadat eind 1988 naar aanleiding van een klacht over brandgevaarlijke kerstversiering in Het Gat van Nederland was gecon-stateerd dat er véél mankeerde aan de brandveiligheid in enige horeca-inrichtingen (waaronder die in het pand bar de Wir-War aan de Haven 154 en 156). De brandveiligheidshandhaving en toezicht hierop berustte op grond van de woningwet bij Bouw- en Woningtoezicht van onze gemeente om-dat wij geen beroepsbrandweerkorps hebben maar een vrijwillig brandweerkorps. Caféhouder Jan Veerman had alle aanwijzingen van de gemeente conform hun opgelegde voorschriften als een van de eerste horecaondernemers opgevolgd.


In de geregisseerde film na de brand werd een onjuiste voorstelling van de gang van zaken gedaan om juridische aansprakelijkheid te vermijden, want het was de gemeente al jarenlang bekend en vanuit die optiek kan de caféhouder Jan Veerman geen nalatigheid worden verweten, want ook al zou de kerstversiering geïmpregneerd zijn geweest zo blijkt uit een analyse in het rapport van TNO dan had dit toch niets uitgemaakt.

Wat niet door de gemeente wordt vermeld is het feit dat de caféhouder Jan Veerman tijdens de bouw van Bar Het Hemeltje een bouwstop opgelegd heeft gehad van de gemeente omdat het plafond in Bar het Hemeltje verlaagd moest worden met tientallen centimeters. Dit besluit heeft een extreem onveilige brandveiligheidssituatie met zich meegebracht, gecreëerd hetgeen niet aan de caféhouder te verwijten valt maar aan de gemeente als zijnde de toezichthouder en handhaver van de bouwkundige brandveiligheidsvoorschriften. Het is de overheid zelf die het zwaard van Damocles heeft opgelegd.

Wat dan overblijft is de gemeente welke weigerde ondanks kennisgevingen om op te treden tegen de brandonveilige situaties. In 1989 zijn de Politie in Amsterdam, ons College van B. en W. alsmede H.M. de Koningin schriftelijk gewaarschuwd door de burgerwacht Volendam dat deze zaak zou ein-digen in een uiteenspattende vuurpijl die door eenieder in het Kabinet goed te bezien zou zijn. Ook is voorafgaande aan de Nieuwjaarsramp gesmeekt aan de hogere instanties om onze kinderen te red-den omdat er doden zouden gaan vallen. Het verzoek om onder curatelestelling van de gemeente was dan ook niet zonder reden vooraf gedaan.

De brandweerman van de gemeente heeft duidelijk voorafgaande aan de brand geschreven dat de situatie in het pand levensgevaarlijk was en dat het horecapand op dat moment, er was een verbou-wing gaande, niet voldeed aan de door de gemeente zelf gestelde brandveiligheidseisen. Nadien werd de brandweerman door diezelfde gemeente aangeklaagd en strafrechtelijk vervolgd en is tot op vandaag niet officieel gerehabiliteerd ondanks vrijspraak.

De horecaondernemer mocht gewoon te goeder trouw zijn werkzaamheden blijven verrichten van de gemeente zelfs zonder gebruikersvergunning. Nadat de ramp zich had gemanifesteerd werd de hore-caondernemer het slachtoffer van een ongekende door de gemeente ingezette hetze in samenwer-king met de stichting van brandslachtoffers om een schuldtransformatie en een schadeclaim richting de caféhouder Jan Veerman te doen bewerkstelligen, welke is ontstaan door gemeentelijke bestuur-lijke antizin.

Feit is dat door het Openbaar Ministerie is vastgesteld dat de jeugd niet strafrechtelijk werd vervolgd omdat er sprake was van een ONGELUK.

In Nederland hebben wij artikel 1.1 van de grondwet waarin staat:

“Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras geslacht of op welke grond dan ook is niet toegestaan”.

Dit werd in deze situatie gelet op aantoonbare overheidsdaderschap en -schadeplicht niet wenselijk geacht voor de caféhouder de heer Jan Veerman. Hij werd gelijk de nazi’s deden met Marinus van der Lubbe, die ook ten onrechte veroordeeld werd voor het aansteken van een brand wat hij niet had gedaan en vervolgens ter dood werd gebracht, veroordeeld voor nalatigheid met betrekking tot een brand die hij niet heeft aangestoken en ook niet gewild ten koste van zijn eigen zaak en ten onrechte veroordeeld tot een schadevergoeding omdat hij ver-mogend was. Let wel; Er was geen sprake van opzet of te kwader trouw wat een strafrechtelijk vereiste is. De caféhouder Jan Veerman is geestelijk vermoord hetgeen erger is dan een lichamelijke moord. Laat u allen dit duidelijk zijn!

Onze gemeente was al veroordeeld wegens bewezen onbehoorlijk bestuur op grond van discriminatie en nu doet zich weer hetzelfde feit voor, waarvoor uitdrukkelijk tevoren was gewaarschuwd en waar-voor een onder curatelestelling destijds vooraf was aangevraagd, maar nu doet de gemeente dit zelfs in samenspraak met andere, gelet op deze opgedane ervaring, criminele overheidsdiensten tot in de Tweede Kamer aan toe.

Om deze ramp een ongeluk te nomen zoals door de rechtbank verwoord is niet geheel juist en valt te betwisten omdat kan worden verwezen naar het opgestelde verslag van advocatenkantoor Monas, Nannings & Gerritsen d.d. 31-01-1990 waarin o.a. stond aangegeven:

“Op uw verzoek doe ik u onderstaand toekomen een kort verslag van mijn bevindingen in de nacht van zaterdag 13 op zondag 14 januari 1990 toen ik op uw verzoek aanwezig was in het centrum van Volendam om het zich in het weekend plaatsvindende uitgaansleven in ogenschouw te nemen.

Aanleiding voor dit verzoek was met name een opmerking van de procureur-generaal Mr. Chr. Fehmer tijdens een strafzitting van het Gerechtshof Amsterdam. Volgens deze procureur-generaal kon de po-litie in Volendam haar taak niet aan, juist omdat er in Volendam op grote schaal, “grote-Stadscrimi-naliteit” werd bedreven. Inmiddels heb ik inderdaad kunnen constateren, dat het uitgaansleven dat zich in het weekend te Volendam afspeelt trekken vertoont van grote-stadcriminaliteit, althans stimulerend werkt t.a.v. dergelijke criminaliteit.

Het grootste deel van de nacht van 13 op 14 januari 1990 kon ik vanuit een woning in de Brugstraat het straatverkeer in ogenschouw nemen en de mensen die café-bar “Het Gat van Nederland” in- en uitgingen. Omstreeks 22.30 uur is het nog betrekkelijk rustig en is ook de muziek in “Het Gat van Nederland” op acceptabele sterkte. Langzamerhand, maar met name vanaf 0.00 uur neemt de horeca-bezoekers snel toe en wordt ook de – geen moment tot zwijgen gebrachte- muziek op een hoger volume gesteld.

Tussen 00.00 – uur en 02.00 uur is de muziek uit “Het Gat van Nederland” en op straat van dien aard, dat aan bewoners in de binnen stad van Volendam het slapen ongetwijfeld ernstig bemoeilijkt wordt. Mij viel overigens op, dat de muziek niet te 01.30 uur stopt. Tijdens een rondgang door het centrum heb ik de sfeer als bedreigend ervaren.

Men treft enkel jongeren in de binnenstad aan, in groten getale, maar verdeeld over diverse groep-jes. Men verkeert vaak in vergaande staat van dronkenschap, met name omstreeks 02.00 uur, er wordt veel geschreeuwd en gelald. Het probleem is voor mij volstrekt duidelijk: hier is sprake van een kleine binnenstad met (té) veel horecagelegenheden die tot laat in de nacht open zijn, luide muziek produceren en onbeperkt alcohol verstrekken.

Tussen 22.30 uur en 02.00 uur heb ik tweemaal een politieauto door de binnenstad zien rijden die kennelijk aan het patrouilleren was. Of zulks voldoende is betwijfel ik ten zeerste. Wil de “grote-stadcriminaliteit” in Volendam aan banden gelegd worden dan moet, naar het mij uitkomt het uitgaansleven in de binnenstad in de weekenden beduiden strakker worden georganiseerd worden dan ik heb kunnen constateren, dan momenteel het geval is. Daarmee is sprake van een aanzienlijk probleem voor de overheid, maar wel een probleem dat aangepakt dient te worden ter voorkoming van escalatie en nog ernstiger ongelukken dan tot op heden zijn voorgevallen”.

Vervolgens werd naar aanleiding van dit verslag in de gemeenteraad van Edam-Volendam daarna het alcoholontmoedigingsbeleid aangenomen en kwam het terugzetten van de sluitingstijd naar 24.00 uur aan de orde middels een daartoe ingediende motie.

Deze motie haalde het niet en strandde met een stemverhouding van 50-50 en werd verworpen. Dit kwam, aldus opgave van een aanwezig raadslid, omdat een collega-raadslid in de gang van het raadshuis ging staan en zich onthield van zijn doorslaggevende stem met de motivatie: “Het is beter dat de mensen dronken op Volendam verongelukken dan dronken op weg in een auto naar Amsterdam.”  Door deze beleidsactie werd de weg geplaveid naar de Nieuwjaarsramp en dupering van horecagebruikers.

Dit zo gedaan hebbend was een geen sprake meer van een ongeluk maar van een bewuste politieke keuze. Het moge duidelijk zijn dat de caféhouder en de brandslachtoffers door deze handelswijze zich onbewust zijnde van dit alles, de knecht/leerling is niet gelijk aan zijn meester/leraar, werden getroffen door dit disfunctioneren van lager bestuursniveau en dat het nu een politiek afwachten was wanneer het “ongeluk” zich zou manifesteren, oorzakelijk decentralisatie van overheidszaken, hetgeen ook helaas gebeurde.

Het moge duidelijk zijn dat de caféhouder de heer Jan Veerman als zondebok nadien moest worden opgeofferd en dat alle lijnen die naar waarheidsvinding zouden leiden dienden te worden gekapt. Vandaar de van gemeentewege geregisseerde strafrechtelijke aanklachten tegen de brandweerman Cees Bont en de klokkenluiders die deze zaak aanhangig maakten in de pers. De gemeente en andere overheidskanalen stelden alles in het werk om waarheidsvinding te voorkomen.

De Onderzoeksraad voor de Veiligheid gaf naderhand niet thuis op de door ons ingediende verzoe-ken om een onderzoek te doen instellen evenals de Stichting Maatschappij en Veiligheid. Zij weiger-den om voor de belangen van de Volendammer gemeenschap en het algemeen belang op te komen. In de media werd door hen een ander beeld geschetst.

Is het de bedoeling dat er straks te beginnen in de vergader- raadszaal ambtenaren door de burger(s) moeten worden aangehouden en gearresteerd in aanwezigheid van de pers om tot een strafrechte-lijke aanpak te kunnen komen op deze wijze werkend? Immers, de burgers dragen nu door vermin-dering en afschaffing van de handhaving de begin- en eindverantwoordelijkheid. Eventuele aangiften worden door het, gelet op de eerder opgedane ervaring, inactieve politiekorps ook na gemaakte af-spraak daartoe geweigerd om te worden opgenomen en vervolgens wordt door de dienstdoende agenten herhaaldelijk gesommeerd, onder dreiging van aanhouding, om het politiebureau te verla-ten.

De BOA’s moeten ongewapend, als burger, de politietaken vervullen terwijl de Hermandad gewa-pend levensgevaarlijk kantoorwerk verricht. Absurd en te gek voor woorden. Inmiddels is in Amsterdam het niet meer toegestaan dat de BOA’s in de nachtelijke uren de noodzakelijke handha-ving verzorgen. Kortom, zonder handhaving zijn alle burgers nu letterlijk vogelvrij verklaard en geldt ieder voor zich.

Zelfs in de ziekenhuizen zijn de burgers nu vogelvrij verklaard. De burger wordt gedood tot in de kiem en de arts welke is veroordeeld wegens bewezen moord wordt geen straf opgelegd. De instellingen worden gebruikt als slachthuizen.

Resteert de burger niets anders dan, gelet op de wettelijk van toepassing zijnde decentralisatie van overheidstaken, gelet op deze noodzaak, zelf het recht in handen te gaan nemen omdat in Volendam en landelijk burgerrechten aantoonbaar zijn geschonden in strijd met gedane uitspraken zoals ook bepaald in het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens door het Europese Hof van Justitie om op die wijze gedwongen op te komen voor zijn eigen rechten (onder meer neergelegd in de artikelen 1, 2 en 13 EVRM).

Het moge u duidelijk en bekend zijn dat ook inmiddels de bestuursbevoegdheden, het kunnen handelen boven partijbelang, van onze Koning Willem Alexander hem zijn ontnomen en dat in Amsterdam, waar de wetteloosheid inmiddels van toepassing is, wordt gesproken over een “Urban Jungle”. Waar is de mogelijkheid van een beroep kunnen doen op de persoonlijke stem van ons onpartijdig Koninklijk Gezag gebleven?

De deels werkende beveiligingscamera’s en de op gezette tijden uit te schakelen, uit te doven straat-verlichting zijn een vorm van symptoombestrijding die in plaats van effectieve kwaalbestrijding op amateuristische wijze worden toegepast. Havenbezoekers moeten in Volendam bij nacht bij het ont-breken van de uitgezette straatver-lichting zelf met schijnwerpers hun boot zoeken met gevaar voor eigen leven. Het recht van de mens op veiligheid wordt absoluut hierbij niet in acht genomen door onze gezaghebbenden.

Het is de bedoeling dat bij feestelijke evenement de camera’s worden ingezet om de crowding van mensen te sturen met de bedoeling om hiermee een spreidingsbeleid te realiseren. Echte symp-toombestrijding want met tienduizend of meer feestvierende mensen op de Dijk is hier geen be-ginnen aan zoals eerder al aangegeven.

In uiterste extreme gevallen bij calamiteiten kan dit dan wederom eindigen in een te houden “Stille Tocht” , zoals in Volendam bij de Nieuwjaarsramp op 01-01-2001, waarin op deze wijze werkend dan weer kan worden gesproken over een “wetteloze dorpskern”, welke dan de verheven status heeft bekomen van een gecreëerde “no go area”.

Wat kan men hier nog aan doen? Het kenbaar maken, uiten van onze burgerlijke onmacht kan door een vlag uit te hangen die door eenieder als zijnde een proteststem kan worden gezien. De politiek luistert en handelt bestuurlijk niet maar kan dan niet meer zeggen dat ze het niet hebben geweten als de vlaggen landelijk wapperen als zijnde een uiting in vreedzame vorm van massaal protest .

Dientengevolge kan dan eventueel een vlag van “De Koninklijke Volendammer Vrijstaat”, dit consta-terende, te beginnen op de Dijk in Volendam omhoog worden getrokken opdat de hele wereld zal kunnen zien en weten dat de “handhaving in levensbelang en -behoud” in Nederland willens en wetens ter ziele is gegaan en dat wij, de burger, ook de taken van onze Koning zelf dienen te gaan vervullen.

Een tweede mogelijkheid is het massaal bezwaar aantekenen tegen iedere opgelegde belastingaan-slag. Gelet op de aantoonbare opgedane ervaring is onze overheid crimineel. De burger kan zich nu beroepen op het leerstuk waarin staat dat het verboden is om te betalen aan degene die vanwege zijn eigen criminele immorele handelen betaling verlangt. Dit is in strijd met de openbare orde en dit principe bestaat al sinds de Romeinse tijd: Ex turpi in causa non oritur. Dat dit aantoonbaar is blijkt uit een reeds gevoerde rechtszaak waarbij werd gezegd door de rechter op de rechtszitting in aanwezigheid van getuigen: “Schilder, je hebt gelijk maar je zult er-mee moeten leren leven dat het in Nederland bestaat dat je je recht hebt, maar niet krijgt” Vervolgens belandt die procedure bij de Hoge Raad. Kortom, gelet op deze opgedane criminele ervaring, waarbij in strijd met het beoogde in de wet wordt gehandeld, geeft deze werking aan de burgers een handvat om geen belasting meer te hoeven betalen. Immers, het betalen aan een iemand die dusdoende profiteert van zijn strafrechtelijk handelen is niet aan de orde.

De fiscus gaat ondanks eerdere veroordelingen van het gerechtshof zelfs nog onrechtmatig verder. Zij discrimineert en laat de door de Commissie Lidt de Jeude’s gechanteerde ouders, die al de hoofd-prijs hebben betaald met het “vernietigde leven van hun kinderen” en daardoor geen strafrechtelij-ke verhaalsmogelijkheden meer hebben, ten onrechte zelfs inkomsten- en erfbelasting betalen over die genoten inkomsten. Vervolgens geeft zij wél inkomstenbelasting terug aan in haar ogen geselec-teerde levende brandslachtoffers en noemt dat dan vervolgens een foutje.

Ze gaat zo handelend letterlijk over lijken. Deze ambtenaren tot in het hoogste ressort zijn op de hoogte van deze door de overheid gepleegde strafbare feiten en weigeren om deze dossiers waarin zij niet beslissingsbevoegd zijn door te zenden naar het Openbaar Ministerie voor strafrechtelijke vervolging, hetgeen zij wettelijk verplicht zijn, en plegen door dit zo te doen een onrechtmatige daad en maken zich schuldig aan een aantoonbaar ambtsmisdrijf waardoor de brandslachtoffers bewust opzettelijk financieel en in hun rechten worden benadeeld. Die van overheidswege gedu-peerde brandslachtoffers kunnen dan middels de fiscus geen claim bij de rechtbank indienen voor hun geleden werkelijke schade en belastingschade waarover zij nu ten onrechte tot afdracht worden gehouden door de fiscus, omdat de fiscus in strijdt handelt met haar bescherm- en zorgplicht jegens belasting-plichtigen uit oogpunt van onrechtmatig winstbejag.

Deze ambtenaren maken zich schuldig aan recidive en machtsmisbruik, ingegeven door de afschaf-fing van de informatieplicht en plegen wederom een onrechtmatige daad. Bij de haar niet welgeval-lige nog levende gedupeerde brandslachtoffers verleent zij heden uit gewinzucht idem géén fiscale teruggave en maakt het brandslachtoffer en adviseurs uit voor leugenaars. Zij plegen wederom een ambtsmisdrijf door te weigeren om ook dit dossier niet door te sturen naar het Openbaar Ministerie. Dit brandslachtoffer welke, na vijf hartstilstanden van overheidswege toegebracht, stond voor waar-heidsvinding en werd in zijn recht op schadevergoeding ten onrechte gekort door de slachtoffers-vereniging, zie boven gemeld, en kan daardoor ook zijn schadeclaim niet verhalen via de strafrechter oorzakelijk fiscale onwil in strijd met de wettelijke bescherm- en zorgplicht en moet nu ten onrechte belasting betalen wat wettelijk verboden is over zijn ontvangen uitkering. 

Ter verduidelijking en om misverstanden te voorkomen op dit punt: Crimineel overheidsdaderschap, gelet op in Volendam, dient niet tot winst van diezelfde overheid te leiden. Dat is pervers en in strijd met de openbare orde. Het was de overheid zelf die aan de voet van de ramp heeft gestaan en van tevoren is gewaarschuwd. Daarbij maakt niet uit welk overheidslichaam dit is geweest; al is het maar omdat totaan de Raad van State van tevoren is geprobeerd om op centraal overheidsniveau op grond van artikel 124 Gemeentewet de lokale overheid te corrigeren en dit ronduit is geweigerd. Op een walgelijke manier is een schijnveiligheid gepresenteerd.

Dit kan ook met aan zekerheid grenzende feiten worden onderbouwd en aangetoond, mede gelet op recentelijk gedane publicaties in de landelijke dagbladen via de pers, waarin volgens het CBS er spra-ke is van een miljarden omzet in criminele activiteiten buiten het legale circuit van belastingheffing om en welke niet strafrechtelijk worden vervolgd. Wat te denken van de dierenactivisten die zelf het recht in handen nemen ten koste van onze hardwerkende varkensboeren.

Zo ook de Tbs-klinieken, zij ondervinden ook de overlast van de decentralisatie. Zij moeten nu voor patiënten die in behandeling zijn zowel de begin- als eindverantwoordelijkheid dragen. Onze centrale overheid geeft niet thuis. Dit heeft geleid tot dodelijke voorvallen zoals ook in Volendam het geval is geweest op 01-01-2001. De knecht is bij aanvang niet gelijk aan de meester. Zonder leiding van bo-venaf is er geen bestuur en omdat ieder bestuur dan zelfstandig (autonoom) functioneert zonder maatschappelijke rekenschap (verantwoording) aan hogere leidinggevenden af te geven leidt de decentralisatie tot nog meer doden dan die welke tot nu toe al zijn gevallen. Men wijst naar elkaar en blijft naar elkaar verwijzen zonder adequaat te handelen oorzakelijk de decentralisatie van de overheidstaken.

Het kenmerk van echt crimineel gedrag is plunderen. Onze overheid is, gelet op deze opgedane ervaring, hierin deskundig getuige navolgende voorbeelden: Greep uit het ambtenarenpensioen-fonds ABP, de AOW, de volle-dige kas van de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet voor zelfstandi-gen, het verlagen van de dekking voor nabestaanden, de zelfstandigenaftrek bij zzp-ers, de aftrek-post van afschrijving op onroerend goed, verminde-ring carry-backfaciliteiten, onbetaalbaar maken van ziektekostenverzekeringen, vermindering ouderenzorg, het verhogen van de BTW, de vernieti-ging van de DSB-bank, het UWV met onterecht verleende uitkeringen richting binnen- en buiten- land, de onterechte vermogensrendementsheffing en tot slot het openen van kanaalsluizen om nog meer allochtonen binnen te laten en te voorzien van middelen waar wij als zijnde au-tochtonen alleen maar van kunnen dromen, maar wél moeten opbrengen en betalen en leidt tot uitputting van onze financiële bronnen.

Dit is een ontoelaatbare vorm van onbehoorlijk bestuur en in strijd met het beoogde in de grondwettelijke bescherm- en zorgplicht.

Uiteraard is gelet op de mededeling van de rechtbank dat wij als burger ermee moeten leren leven dat het in Nederland bestaat dat je je recht hebt maar niet krijgt de wettenbundel met daarin opge-nomen alle Nederlandse wetten tijdens een procedure ingeleverd bij de rechtbank annex Hoge Raad. Wat hebben wij aan een wetboek met wetten die krachteloos zijn geworden en niet meer gehand-haafd worden? De overheid heeft getekend voor ontvangst en tot op vandaag is er geen vervolgactie van de overheid op deze inlevering gekomen. In één woord absurd.

De eindconclusie is dan heel simpel. De eerste aan het loket, zijnde de burgers, zijn dan wederom de dupe en bekomen de schuld middels overheidsschuldtransformatie(s) evenals de nota voor de ge-maakte kosten.

Natuurlijk ontkomen wij er niet aan om de vuurwerkramp in Enschede op te noemen, de gevallen slachtoffers bij defensie. De overheid was destijds ook uitdrukkelijk gewaarschuwd gelijk Volendam. En zo zijn er inmiddels nog meer gebeurde voorvallen met dodelijke afloop op te noemen en blijft de beloofde strafrechtelijke vervolging van ambtenaren wederom inconsequent achterwege.

En dan, de commissie Alders, welke nooit heeft bestaan, immers bij een aanmelding van mij om te worden gehoord werd dit verzoek door die commissie afgewezen. Bij drukkerij de NIVO was destijds ook al een verzoek ingediend om te worden gehoord door de Commissie Alders, maar dat verzoek werd ook niet in behandeling genomen door deze commissie. De commissie Alders was autonoom, zelfstandig bevoegd. Zij veegden hun vuile straatje schoon. Vervolgens richting de staatssecretaris Gijs de Vries, ook autonoom, zelfstandig bevoegd. Deze liet doodleuk weten dat de commissie Alders was opgeheven met terugwerkende kracht vanaf datum oprichting, zodat mijn brieven waren ge-schreven naar een niet bestaande instelling. Nou vraag ik u? Waar blijft het onderzoek?


Kortom, er heeft NOOIT een onderzoek van de Commissie Alders plaatsgevonden omdat zij nooit heeft bestaan vanaf datum oprichting. Aanmeldingen om te worden gehoord werden stelselmatig niet gehonoreerd en in strijd met de waarheidsvinding afgewezen. Het gepubliceerde rapport van deze Commissie Alders is derhalve een van overheidswege geregisseerd leugenachtig wegwerpvod.

Tot slot het opheffen van het politiebureau betekent een einde aan de mogelijkheid om de weeg-schaal van goed en kwaad in balans te kunnen brengen en houden en zal leiden tot een nog nega-tievere maatschappelijke spiraalvorming en verwording. Het moge duidelijk zijn dat dit ridicuul is. Eveneens kan worden opgemerkt dat in Volendam het politiebureau was gesitueerd aan een rijweg waarbij de ingang aan de achterzijde van dat pand, onzichtbaar vanaf de rijweg was gevestigd. Als men niet wil worden gevonden dan verleent men dienstverlening zonder klantvriendelijkheid op een onvindbare plaats in een wereldbekend toeristendorp ver vanaf de wereldberoemde Dijk. Het verja-gen van mensen die aangifte komen doen doet zeker weten ook geen goed aan het slecht bekende staande imago van ons politiekorps. Inwoners van Volendam werden door de Politie vergeleken met kinderen die stonden te zeuren om een snoepje in de supermarkt en de burgemeester noemde de woordvoerder van de inwoners recalcitrant. Men weigerde om te handhaven en woonrechten van burgers werden opzettelijk geschoffeerd.

Als er vervolgens dan geen mensen meer komen om aangifte etc. te doen dan is opheffing is de meest logisch zelfgecreëerde weg. Het succes op ondergang door deze formule is bewezen gegarandeerd. De burger is hierdoor vogelvrij geworden en wordt gedwongen om nu het recht in eigen hand te nemen.

Het in eigen hand nemen van dit recht is door het Ministerie van Binnenlandse zaken destijds bij gedane aanvraag voor het mogen oprichten van een eigen Volendammer politiekorps goedgekeurd. “Als blijkt dat er een noodzakelijke maatschappelijke aan behoefte is aan een dergelijke organisatie dan zullen wij de oprichting van uw politiekorps goedkeuren en erkennen”, aldus de minister Ien Dales”.

Helaas is dit nu niet een maatschappelijke noodzake behoefte maar een bittere noodzaak gebleken, gelet op deze maatschappelijke ontsporing, lees; verwording. Voor de oprichting van een eigen poli-tiebureau met een plaatselijk politiekorps kan nu na deze gepleegde feiten daadwerkelijk legaal een aanvang worden genomen. Deze aanpak verdient zeker een verdere overweging om daarmee de mogelijkheid te herstellen om in de toekomst aangifte en vervolging van strafbare feiten in maat-schappelijk belang te kunnen realiseren, hetgeen nu niet meer, gelet op deze opgedane criminele ervaring, kan worden gedaan en kan Volendam weer stralen als voorheen zijnde de “Parel aan de oude Zuiderzee”. 

Dit neemt nog niet weg het feit dat vooralsnog kan worden gesteld dat bij het uitblijven van Waar-heid en Recht als zijnde een paar de pen weer ter hand dient te worden genomen om de onwaarhe-den in samenwerking met de spirituele Hogere Machten te belichten, waarna publicatie en visuali-satie in de (inter) nationale media zal volgen en de beschermvrouwe van Volendam, welke in de Geest één is met haar Zoon en Hij één met zijn Vader, mondiaal zuiverend zal zegevieren. Zij heeft nu de weegschaal van goed en kwaad overgenomen van Vrouwe Justitia die in Nederland is overleden en zal voor gerechtigheid aan de overleden kinderen en gedupeerden zorgdragen. Zij laat haar kinderen niet in de steek en met een leugen begraven als zijnde een moeder van altijddurende bijstand.

Met dank voor uw aandacht.

Ouders van overleden brandslachtoffers
Gedupeerde brandslachtoffers
In samenspraak met
Hein Schilder (de Bok)
Communicatie- en Perscentrum H.M. Schilder
Lid Nederlandse Vereniging van Journalisten
Geaccrediteerd lid Nieuwspoort

 

     

Totaal aantal reacties: 214

Geregistreerd 2014-02-03

PM

Daar zijn zondebokken voor opgeofferd. Door de macht van een bestuur die zich bij dit onderwerp als een soort maffia gedroeg om hun eigen aandeel in de ramp te verdonkeremanen

     

Totaal aantal reacties: 2

Geregistreerd 2014-04-12

PM

Beste Lezers,

Even een reactie, de waarheid staat boven de leugen. En niet andersom! Het moge duidelijk zijn, dat alleen de tijdgeest hierin zijn werk moet doen. Alle brieven zijn al geschreven, en doen in stilte hun werk. Wie weet is verantwoordelijk. Onze gezinnen worden bewust, willens, wetens vermoord. Abortus-Euthanasie- Donor legalisering van het menselijk lichaam, drugs legalisering enz.

M.a.w. dit alles is moord met voorbedachten rade. Als een lichaam voor donorcodicil wordt vrijgegeven, dan wordt men levendig gevild. Wanneer iemand echt dood is en koud is, dan kan men niets meer doen met de desbetreffende organen. Men moet nog warm zijn om levendig gevild te kunnen worden.

Is men vergeten dat er een God’s gericht in de Gemeente Edam-Volendam is afgegeven? Dat er veertien kinderen (brandslachtoffers door opzettelijk nalatig bestuur) met een leugen zijn begraven. Welnu, aan de Gemeente Edam-Volendam is medegedeeld dat de weegschaal van goed en kwaad zal worden recht getrokken vanuit Volendam voor de gehele wereld.

Dit alles zal zich voltrekken. Dit alles behoeft geen verdere uitleg. De geschiedenis herhaalt zich, want wie niet horen wil moet maar voelen.

Eerherstel van God’s Geboden.

P.M. Schilder