Welkom, u kunt hier Inloggen of Registreer

Edam-Volendam Opinie

U bent hier: HomeForum home → Onderwerpen → Maatschappij → Thread

   

Het Don Boscocollege holt onder het bestuur van de SKOV achteruit

Totaal aantal reacties: 196

Geregistreerd 2014-02-03

PM

De Problematiek bij de Stichting Katholiek Onderwijs Volendam

Het gaat niet goed met het Don Bosco-college. Al een paar jaar is er sprake van een daling van de examenresultaten. De grootscheepse verbouwing en uitbreiding is kennelijk gestoeld op niet-realistische verwachtingen. Het leerlingenaantal daalt. Het beleid van de laatste jaren zou tot grote zorgen moeten leiden bij de gemeente en in de samenleving.


1.    De examenuitslagen van 2016, vóór herkansing, van het Don Bosco College (DBC) zijn als volgt:

a.    Atheneum 72%

b.    Havo 84%

c.    GT (Mavo) 83%

d.    Basiskader 89%

e.    BB 90%

Deze cijfers zijn het laagst in de geschiedenis van het Volendamse onderwijs en passen bij de dalende trend van de laatste jaren

2.    Oorzaak:

a.    Het bestuur heeft in samenspraak met de directie van het Don Bosco College de kwaliteitscommissie aan de kant geschoven.

b.    De directie en het management zijn niet in staat om de kwaliteit van het onderwijs op een hoog niveau te krijgen.

c.    Er heerst een gemakzucht bij de directie met betrekking tot het motiveren van de leerlingen.

d.    Vele leerlingen worden niet op de juiste afdeling geplaatst. Hierop is al vele malen geattendeerd door de bovenschoolse manager van het primair onderwijs. Dit is zowel bij de bestuurders als bij het volledige management van het DBC bekend.

e.    Er wordt door het management geen moeite gedaan om leerlingen die tussentijds achterlopen door middel van persoonlijke aandacht en/of extra onderwijstijd op het haalbare niveau te krijgen.

f.      In het plaatselijke nieuwsblad stond zelfs een interview van de heer Braakman en mevrouw Schermer waarin werd aangegeven dat het niet zo erg is dat leerlingen een jaartje overdoen, dus blijven zitten).

g.    Er is geen enkele controle van de kant van de uitvoerend bestuurder.

h.    Er is geen enkele controle van de kant van de toezichthouders.

i.      Er is sprake van een intense belangenverstrengeling van de toezichthouders, waardoor geen sprake kan zijn van effectief/objectief besturen.

j.      De bovenschoolse manager, de directeuren en leerkrachten van de groepen acht van de basisscholen worden door het bestuur en het management van het DBC niet serieus genomen.

k.    De contacten tussen de medezeggenschapsraad van het DBC en het bestuur en management van de school zijn vijandig te noemen.

l.      Er wordt onvoldoende op na- en bijscholing gelet.

m.  Er is sprake van een behoorlijke toename van lesuitval. Er wordt geen moeite gedaan om de uitgevallen lessen te laten inhalen (ook niet bij groepen waarbij sprake is van zeer hoge uitval). Vele Volendamse ouders klagen hierover op straat.

n.    De inzet van indirect personeel (overhead) is ruim € 800.000 boven de rijksvergoeding voor dit onderdeel.

o.    De inzet van onderwijzend personeel is dus € 800.000 lager dan de rijksvergoeding voor dit onderdeel.

p.    Uit een bericht in de info van de school blijkt dat er vorig jaar voor een bedrag van € 300.000 per jaar teveel aan LD-functies is uitgegeven.


3.    Daling aantal aanmeldingen:

a.    Aan het eind van het schooljaar 2015/2016 zullen plusminus 380 leerlingen de school verlaten.

b.    Voor het nieuwe schooljaar zijn plusminus 300 leerlingen aangemeld.


4.    Bouwdrift:

a.    Uit de leerlingenprognoses blijkt dat het aantal leerlingen van het DBC dit schooljaar op de piek ligt.

b.    Het bestuur heeft desondanks besloten om niet 7 noodlokalen waarvoor de gemeente Edam-Volendam € 1.8 miljoen beschikbaar heeft gesteld (voor noodbouw), maar 17 lokalen te laten bouwen. Deze uitbreiding is inmiddels bouwkundig opgeleverd.

c.    De eigen bijdrage van de kant van het schoolbestuur bedraagt ruim € 2,2 miljoen.

d.    Nu is er een interne verbouwing van naar schatting € 800.000 gaande, voor rekening van het schoolbestuur. (sloop van de administratie, uitbreiding van de docentenkamer, sloop van de lokalen voor verzorging/keuken e.d.). Dit terwijl de noodzaak hiervoor ontbreekt.

5.    Leegstand op korte en middellange termijn.

a.    De concrete behoefte aan extra leslokalen is niet 17 maar 1 lokaal. Er zitten nu 7 groepen in een dependance (2 groepen hiervan konden nog in het hoofdgebouw worden gehuisvest) en 3 groepen in de bij de school behorende ruimten in sporthal Opperdam.  In het nieuwe schooljaar komen er 80 leerlingen dus 4 groepen minder. Deze 4 groepen kunnen in mindering worden gebracht op de 5 groepen die in de dependance geplaatst waren. Dus de werkelijke behoefte is 1 lokaal. Opmerkelijk is dat het schoolbestuur in eerste instantie een aanvraag bij de gemeente had ingediend voor een uitbreiding met 33 lokalen. Blijkbaar mist het bestuur c.s. alle kennis op dit gebied en mist bovendien een portie gezond verstand.

6.    Nieuwe toezichthouder:

a.    Volgens een publicatie treedt de heer Dik Mooijer per 1 september 2016 af. Deze persoon ligt al vele jaren onder scherpe kritiek van de medezeggenschapsraden en de directieleden van het primair onderwijs. Dat gold eerder voor zijn kompaan de heer Freek de Boer, die weliswaar per 1 januari 2016 is afgetreden maar met de regelmaat van de klok aanwezig is in het gebouw van het DBC, waar hij zichzelf heeft belast met de bouw van de uitbreiding, verbouwingen en onderhoud en hierover ook zeggenschap heeft (toegeëigend).

b.    De heer Mooijer zal per 1 september 2016 worden opgevolgd door mevrouw Inger Schermer. Dit terwijl dit tegen de regels van de VO-raad indruist. De Vo-raad stelt terecht dat ex-directieleden geen zitting mogen hebben in het bestuur van de school waarop zij werkzaam zijn geweest.

c.    In dit geval komt daar nog bij dat mevrouw Schermer die per 4 januari 2016 met pensioen is gegaan, een van de hoofdverantwoordelijke is voor de slechte examenresultaten. Dat geldt overigens ook voor de heer Jaap Braakman die vanaf 4 januari 2016 de rectorsfunctie vervuld.

d.    Het bestuur hanteerde de regel van Good governance van het voortgezet onderwijs. Toen het bestuur erop werd geattendeerd dat dit tot gevolg had dat er een viertal bestuurders het veld moesten ruimen, vanwege belangenverstrengeling en verlopen van de zittingstermijn , is besloten dan maar over te gaan tot de regels van Good Governance van het PO.

e.    Het kan toch niet zo zijn dat juist mevrouw Schermer zal aantreden als toezichthouder in de wetenschap dat zij de laatste jaren verantwoordelijk is voor de terugval van de kwaliteit van het onderwijs op het DBC, de onnodige exorbitante investeringen in de uitbreiding en renovatie, een extra aanstelling van indirect personeel, de uitgifte van een teveel aan LD-functies voor € 300.000 per jaar en bovenal voor de slechte examenresultaten.  Op grond van de negatieve problematiek die aan haar kleeft is het n.m.m. voor haar onmogelijk om op een objectieve wijze de belangrijke toezichtfunctie uit te kunnen oefenen. Dit zou passen in de door de vaak de rijksoverheid genoemde uitspraak dat het not done is dat de slager zijn eigen vlees keurt.


7.    Ter afsluiting doe ik een dringend beroep op de inspectie van het onderwijs om in te grijpen, ter voorkoming van een verder afglijden van de kwaliteit van het onderwijs op het DBC en ook ter voorkoming van de ongebreidelde bouwdrift en voeren van wanbeleid door bestuurders die door een hoog kleefgehalte en narcistische trekken niet in staat kunnen worden geacht een zo belangrijke onderwijsorganisatie te besturen

     

Totaal aantal reacties: 324

Geregistreerd 2014-01-17

PM

BU 2018 05 18